seizoen
Schrijfmarathon "Van inkt tot eindstreep"

 Er goed uitzien

Elke ochtend haal ik het leven binnen door twee inhalatoren en een handjevol pillen. Niks aan de hand. Er zijn zeker honderdduizenden landgenoten die zich op gelijke wijze aan het leven vastklampen. Bij velen van hen zal ook de oorzaak hetzelfde zijn: roken.

De Astmastichting heeft er een opgewekte campagne aan besteed, met bijvoorbeeld de kreet: ‘Roken? Ik dacht dat je daar alleen kanker van kreeg.’ En dan de pay-off: ‘COPD is levensgevaarlijk.’

De vraag blijft of de gemiddelde Nederlandse roker weet wat COPD betekent. Een afkorting van de Engelstalige omschrijving: Chronique obstructif pulmonary disease. Ja, en dan? Vrij vertaald staat het al sinds jaar en dag op de verpakking van rookwaren: ‘Roken is dodelijk.’ Maar of dat helpt?

Enige twijfel hierover is gerechtvaardigd. De tabaksomzet daalt nauwelijks, alleen de gebruikersmarkt verandert richting jeugd en ontwikkelingslanden.

Als lid van de orde der COPD-ers heb ik het opgegeven mezelf als voorbeeld aan te houden, wanneer ik weer eens waarschuwende woorden tot tabaksgebruikers probeer te richten. Meest gehoorde twee reacties: ‘Ik ga er zeker mee ophouden, maar nu nog even niet’ en ‘Jij ziet er anders verrek goed uit.’

Dat is onze pech, COPD-ers zien er goed uit. Blozend, blakend van gezondheid. Een bijwerking van de medicatie. Dat is enerzijds mooi meegenomen, maar aan de andere kant gelooft niemand dat je echt iets hebt. Een demonstratie, van tien meter hard lopen en dan total loss, gaat mij iets te ver om rokers te raden. Ik zwijg er tegenwoordig maar over.

Theo van der Put

 

Boven gevoerde bargtop

rust hemelig het rangarif.

Heerlijk zwoerig om de warfdrab

liggen toefelen gedrenkt in snif.

Ternaaglijk leg ik hoenda neer

op wrangendek te zeer.

 

Nicole Loeve

 

Fietstocht met tropische verrassing

Winderige middag.

Vies bankje onder oude boom.

Handdoek erover.

Kopje koffie uit de thermosfles.

Kringetjes in het water. Geen regen.

Over drassig gras naar de waterkant.

Nog een laatste nieuwsgierige stap…

School piepkleine zilveren driehoekjes uit het water.

Stuiterende vlucht naar dieper water.

Spetterend licht.

Vliegende visjes in een Hollandse plas.

 

Froukje de Bruin


Wat hebben zij de wereld te vertellen?

C A F E – de plakletters op het raam vertellen dat dit een café is. Waar is de barman? Geen krijtgeschreven menuborden, niemand die de krant leest bij een bakje koffie.

Binnen hebben vrouwen en mannen zich verzameld rondom thermoskannen koffie en thee. Ze hebben betaald om hier aanwezig te zijn. Wat beweegt deze mensen om zich op een vrije zaterdag, vroeg in de ochtend, door een vers pak sneeuw te worstelen?

Ze hebben iets gemeen met elkaar: Ze willen schrijven; columns, korte verhalen, smartlappen, fictie, uit de duim gezogen gedachten, gedichten, een korte tekst met een filosofische insteek en theaterteksten vanuit de beleving van een kind. Waarom willen zij zo graag leren schrijven? Wat hebben zij de wereld te vertellen?

Met een plastic bekertje koffie vind ik een vrije kruk aan een tafel waar al mijn tafelgenoten druk lijken; mijn overbuurman zit voorover gedoken in het programma van vandaag en mijn buurvrouw bekijkt alle bewaarde sms’jes uit een ver verleden. Of is iedereen zijn gedachten aan het ordenen om zo meteen los te barsten op lege vellen papier?

Ondertussen speelt de dame naast me patience op haar mobieltje en aan mijn andere zijde heeft het meisje een leesboek opengeslagen. Wat zou zij doen op een doordeweekse dag? Zij lijkt op een juffrouw van een basisschool, al wil zij vast veel liever haar fantasie gebruiken voor het schrijven van theaterteksten voor haar kinderen. Of zou ze bezig zijn met haar veelbelovende carrière als advocate en wil ze wel eens wat luchtigs op papier zetten naast die stapel serieuze bezwaarschriften die elke ochtend weer op haar liggen te wachten. De twee volwassen mannen tegenover me praten over het weer. Heeft de ene man een langgekoesterde droom om het weerbericht voor nationale televisie te mogen schrijven of is het weer een laagdrempelig onderwerp voor een gesprek om de tijd te doden, totdat het programma van de allereerste schrijfmarathon bij de CKE-schrijversschool echt begint?


Esther van Rooijen


 

Blozende zusjes

Ik houd het mesje in de aanslag. Twee stoofperen wachten op wat komen gaat. Ronde buiken, slanke halzen en steeltjes die parmantig naar het plafond wijzen. Mijn mesje doorklieft de eerste schil. Sap druipt langs mijn handen. Rond en rond gaat mijn mesje, de schil groeit en groeit. Oppassen dat hij niet breekt. Glanzend vruchtvlees glibbert de pan in, waar de zusjes ook naakt mooi staande blijven. Suiker, wijn, een kaneelstokje. Een paar uur later blozen de zusjes op mijn bord, verlegen door de blik van een stoere, bruine gehaktbal.

Désirée Driesenaar


Commentaar tekst over analfabetisme

1: Heb je dat ook gelezen over dat meisje en die jongen?

2: Ja dat heb ik gelezen. Wel heftig.

3: Hij kan niet lezen en schrijven.

2: Het is toch moeilijk om een relatie te hebben.

4: Hoezo, moeilijk.

2: Stel je voor, jij hebt hetzelfde als die jongen en je wordt verliefd. Hoe is dat voor jou?

4: Ik zal het gewoon zeggen.

1: Maar om zoiets te vertellen is toch best moeilijk.

3: Ja, je kan niet even zegen: hé schat even tussen door, ik kan niet lezen en schrijven.

1: Die jongen uit dat stukje vond het ook moeilijk om het te vertellen.

2: Ik denk dat veel mensen die niet kunnen lezen en schrijven zich hier voor schamen.

3: Maar dan gaan ze toch naar school, om het te leren.

1: Ja wij gaan gewoon naar school omdat het verplicht is. Maar zo makkelijk is het niet voor die mensen en die jongen.

Kimberley van den Boogaard


Kliko niet geleegd

Het licht van de maan weerkaatste op de doos tussen de struiken. Een beeld dat ze niet kon loslaten. De nieuwsgierigheid won het van de kou en zo zag ze even later een afbeelding van een jongedame op de onderkant van de doos. 'Zelfopblaasbare opblaaspop', las ze, samen met haar man aan de keukentafel. Beiden, ver in de veertig, hadden geen behoefte aan een extra vrouw aan huis.

De volgende middag keek de pop ze van over de rand van de Kliko met open mond aan. Daaronder prijkte een sticker: 'Kliko niet geleegd, klep moet dicht kunnen.'

Het schaamrood stond hem op de kaken. Had hij de doos maar nooit geopend.  

Arjen van Ojen


 

De Afvalbak

Sinds enkele jaren is het in Nederland de gewoonte dat we moeten betalen voor de leging van onze klikobak. Was het voor die tijd normaal dat elke week op een vaste dag van de week de bak aan de straat kon worden gezet en “gratis” geleegd. Nu doen we dat echt niet vaker meer dan eens per twee weken. Waarom? De ophaaldienst komt niet vaker, maar ook omdat Jan met de Pet op de centen let. Er moet namelijk in veel gemeenten per leging worden betaald. Dit creëert een hele nieuwe afvalgedragsnorm.

Je ziet namelijk dat niet iedereen zijn bak elke veertien dagen laat legen. Men probeert de bak zo vol mogelijk te proppen en laat hem het liefst een maand lang in de garage staan stinken. Daar komt nog bij dat men bijna moet hebben doorgeleerd om te weten hoe je het afval moet scheiden. Papier, plastic, glas, groen afval en de rest. Je kunt er bijna een dagtaak van maken om de verschillende soorten afval te filteren, te verzamelen in zakken en bakken en dan ook nog bij te moeten houden aan de hand van een lijst, wat op welke dag wordt opgehaald! Gelukkig heb ik de tijd en geen full-time baan. Maar hoe moet dat met gezinnen, die drukke banen, kinderen enzovoort hebben?

Mijn buurvrouw vroeg mij laatst of ik het niet te duur vond om elke twee weken mijn bak aan de straat te zetten. Zij meldde dat ze de volle zak alvorens hem in de kliko te dumpen, altijd met beide voeten bespringt. En hem dan, in maximaal geplet formaat, in de afvalbak deponeert. Zo kon ze het gemakkelijk tot het einde van de maand redden. Toen ik dit, na haar verhaal, ook eens wilde proberen, knapte de zak op de keukenvloer en kon ik de vers verspreide smurrie, afval van de hele week, bij elkaar gaan vegen. Op dat moment besloot ik dat ik het wel voor gezien hield. Ik wilde mijn burgerplicht doen en braaf mijn afval scheiden, maar me verder verre van dit soort belachelijke taferelen houden.

Bovendien voel ik me altijd heel opgelucht als mijn afvalbak weer is geleegd. Het is net zoiets als het dagelijkse ledigen van mijn darminhoud. Je voelt je daarna weer fris en vrolijk en kan het leven weer helemaal aan!

Ardy Cuypers


Mijn handen zijn grauw

je zou kunnen zeggen blauw

dat komt van de kou.

Herman Vos


Takken zwaar van sneeuw

maken een diepe buiging,

de zon verheft hen.

Theo A. van der Put


Landschap

Zij stond buiten, voor zijn winkel. Het had haar moeite gekost zich er toe te zetten, dit leven spontaan in te stappen. Ze zag hem in gesprek met klanten, hoe zijn hand aarzelde op de toonbank, eerder, nu gedecideerd mee sprak.

Bang, gezien te worden, stapte ze nog meer achter de pilaar, uit het blikveld, voor het geval dát. Zo bleef ze roerloos staan. Totdat ze omkeerde, haar schouders laag, te laag, alsof ze afdroop, gelijk een dief. Achter haar de etalage die toegang tot zijn wereld gaf.

Haar passen langzaam, gelijk de kleuren die ze zo-even zag als van een landschap in de verte. Steeds verder achter haar. Totdat beslist, ze Berlage binnenliep en “sorry” zei, bij het passeren van het cafébezoek. Haar adem nu rustig, als ze opnieuw terug, met de stroom mee, de deur opende en opging in “zijn” kleuren.

Sabine Krijger


Rita-dag

Opgewonden sfeer, enthousiaste dames, het tij zou nu echt keren. Dames aan de macht, in het zakenleven en de politiek.

Zoiets is vaker beweerd, veelal zonder resultaat. Deze keer ging het zeker lukken. Ja, een vrouwelijke burgemeester had onze stad nodig. Het was toch te gek dat deze niet al jaren geleden was gekozen! Voor de gemeenteraad stemden we ook alleen op vrouwen, ook al stonden ze onderaan de kieslijst. Ik vond het best.

Ik was net gearriveerd op een bijeenkomst voor alleen dames en keek rond in de grote zaal. Veel stijlvol geklede vrouwen op leeftijd, waar het geld van afdroop.

Waarschijnlijk afkomstig uit de omringende dorpen, want de bevolking uit onze stad is meestal sjofel gekleed, passend bij een armetierige arbeidersstad. Deze ontwikkelde mondige dames grepen de microfoon om te vertellen over wantoestanden in de zorg en andere politiek-menselijke kwesties. Hartverscheurende verhalen waren te horen, over 1 personeelslid op 20 hulpbehoevende oudjes. Alle toehoorders vonden het vreselijk en zuchten in koor.

'Zulke verhalen van het volk zijn belangrijk en moeten de politiek wakker schudden' of woorden van dergelijke strekking klonken helder uit een forse vrouw, die opeens achter de microfoon stond. Het was onhoudbaar in de zorg en zij als vrouw van de praktijk ging het veranderen, nee, verbeteren! Ze verhief haar stem, bepaald niet nodig, want die was al sterk genoeg.

Keek met reebruine ogen naar haar publiek en ik wist het opeens. Ach, een bekend fenomeen! Zag ik ook eens een politieke dame van formaat. Wat leuk, het was Rita Verdonk, die ons kwam bijstaan in het Brabantse land.

De rest van mijn leven kon ik tegen jan en alleman zeggen dat ik onze Rita in levende lijve had gezien. Tevreden ging ik een kwartier later naar huis. Ik had nu een mooi resultaat geboekt. De bijeenkomst speciaal opgericht voor vrouwen moest het maar even zonder mij stellen.

Ik had deze bevlogen meetings al vaker bezocht. Het idee erachter was dat alle dames samen zouden netwerken, opdrachten vergaren en daardoor vele gedroomde carrières daadwerkelijk konden starten. Vol blijdschap had ik mijn netwerkvraag bij diverse personen gedeponeerd, tot dusver zonder resultaat. Het bleef een mooie droom.

Ik kwam er wel veel hulpbehoevende dames tegen, die ook verder wilden komen in hun leven. “Thuismanagers” die hun gezin succesvol runden, maar naar het zakenleven verlangden en andere vragende vrouwen. Dat gaf veel erkenning en diepgaand onderling begrip, iets waar vrouwen zo goed in zijn. Verder schoot het niet op. Dat kwam allemaal omdat de samenleving nog veel te machismo was en vrouwen maar tegen die glazen plafonds beukten, met hun machteloze koppen. Maar nu ging het veranderen. Wij stonden op het punt de macht te grijpen en Rita ging ons helpen. Ik had haar gezien.

Mia Koopman

- - -
- - -